Meer grip op bladschimmels!

Met sensoren van Suiker Unie
BAS.jpg

Bladschimmels

In de loop van het groeiseizoen kunnen bladeren van suikerbieten door verschillende bladschimmels worden aangetast. Hoe zwaarder de aantasting, hoe meer loof voor de productie van suiker verloren gaat en hoe groter de schade. Bij ernstige aantasting kan de schade oplopen tot wel 40%.
De eerste behandeling tegen bladschimmels moet plaatsvinden bij het verschijnen van de eerste aantasting. Hiervoor moeten de bieten regelmatig gecontroleerd worden vanaf half juni. Preventief spuiten heeft geen zin, brengt onnodige kosten met zich mee en is zelfs gevaarlijk in verband met resistentievorming. Later spuiten dan de eerste aantasting leidt al snel tot onvoldoende beheersing en daardoor tot schade. In verband met resistentievorming is ook te laat spuiten gevaarlijk. Lees meer over bladschimmels in de teelthandleiding van het IRS
 
Infectiewaarden bladschimmels
Voor optimale bladschimmelbestrijding is het belangrijk op het juiste moment een bestrijding uit te voeren: zo snel mogelijk na het waarnemen van de eerste vlekjes. Om telers te ondersteunen in het gericht waarnemen van bladschimmels heeft het IRS modellen voor infectiewaarden ontwikkeld. Op basis van het microklimaat in het suikerbietengewas voorspellen de modellen de kans dat een bladschimmel een blad zal infecteren. Voor cercospora zijn deze infectiewaarden anders dan voor stemphylium. Deze sensoren meten continue de temperatuur en luchtvochtigheid in het gewas, waarna een infectiewaarde per dag wordt berekend op basis van de IRS-modellen. In 2018 en 2019 hebben Suiker Unie en IRS samengewerkt om deze modellen te verbeteren door op proefvelden en praktijkpercelen met deze sensoren regelmatig de bladschimmelaantasting te monitoren.
 
Infectiewaarden via sensoren
Sensoren helpen bij het bepalen van de infectiekansen en daarmee de kans op vlekjes. Deze sensoren maken het mogelijk infectiewaarden voor stemphylium en cercospora te berekenen op basis van de temperatuur en luchtvochtigheid gemeten in het bietengewas. De infectiewaarden zijn indicatief voor het bietenperceel waar de sensor in staat. Hoe hoger de infectiewaarden hoe groter de kans dat infectie zal optreden mits er sporen van cercospora of stemphylium aanwezig zijn op het perceel. De infectiewaarden kunnen worden gebruikt om de gewaswaarnemingen en bespuitingen gerichter uit te voeren.
Bron: IRS-Gewasbeschermingsbulletin 2020
Valthermond.jpg

Inzet van infectiewaarden berekend uit de door een sensor in het bietenperceel gemeten luchtvochtigheid en temperatuur op het door cercospora aangetaste proefveld in Valthermond (2019). Links het onbehandelde veldje dit scoorde op het moment van de foto een 4,6 (schaal 1 = blad volledig afgestorven – 10 = blad volledig gezond). Daarnaast, in het midden, het veldje met daarin een sensor dat behandeld werd op basis van het verloop van de infectiewaarden na het vaststellen van de eerste aantasting en bespuiting. Dit veldje scoorde een 8,6. Het veldje rechts is behandeld op basis van het verloop van de infectiewaarden en scoorde een 8,2. De referentie voor bespuitingen op basis van doorlopende waarnemingen (niet te zien op de foto) scoorde een 8,4 (P<0,001 LSD 5%: 1,15).


De sensor
De sensor meet het microklimaat door tussen het bietenblad de temperatuur en luchtvochtigheid op te meten. De sensoren staan in connectie met het LoRa-netwerk. Hiermee kan zowel de data worden verstuurd en de locatie van de sensor worden bepaald. Deze locatie wordt gebruikt om te bepalen op welk perceel de sensor staat. De sensoren zijn al ruim twee jaar beproefd door middel van een grote pilot met 150 sensoren. Deze pilot is succesvol verlopen zoals is beschreven in het IRS-gewasbeschermingsbulletin 2020.
De infectiewaarden worden getoond via de BAS-app. Via zowel een overzichtskaart als perceelsspecifieke infectiewaarden. Voor de sensor geldt 2 jaar garantie en heeft een verwachte levensduur van 5+ jaar.

Overzichtskaart
Via de overzichtskaarten krijgt u inzicht in de locatie van de sensoren, de actuele infectiewaarden en het verloop van de infectiewaarden van de laatste twee weken. In het hoofdmenu kunt u het type bladschimmel selecteren. De kleur van het icoon van de sensor geeft de hoogste berekende waarde van de laatste 7 dagen aan. Door op een icoon bij u in de buurt te klikken wordt het verloop van de infectiewaarden in de afgelopen twee weken voor beide bladschimmels getoond. De schaal van infectiewaarden is van 1 tot 7, waarbij 1 een zeer lage infectiewaarde aangeeft en 7 een zeer hoge infectiewaarde. Bij lage of matige infectiewaarden (≤3) wordt aanbevolen om de twee weken gewaswaarnemingen uit te voeren. Bij hoge of zeer hoge infectiewaarden wordt aanbevolen binnen enkele dagen een gewaswaarneming uit te voeren. Ziet u geen aantasting of uitbreiding van de vlekjes maar blijven de infectiewaarden hoog? Dan wordt aanbevolen de gewaswaarneming elke week te herhalen.
 
Perceelsspecifieke infectiewaarden
Suiker Unie en IRS werken samen toe naar perceelsspecifieke bladschimmelinfectiewaarden, waarbij ook rekening gehouden wordt met voor bladschimmelinfectie belangrijke factoren zoals rotatie-intensiteit op het perceel en in de buurt van het perceel, grondsoort en regio. Op basis van uw ingetekende Unitip-percelen worden van de dichtstbijzijnde sensor de infectiewaarden voor cercospora en stemphylium getoond. De komende jaren zal dit verder worden doorontwikkeld.
 
Installatie en onderhoud
De sensor wordt gebruiksklaar aangeleverd. Een teler hoeft slechts de meegeleverde batterijen in de sensor te stoppen en deze in het veld te plaatsen. Bij de sensor wordt een handleiding meegeleverd waarin veelgestelde vragen worden beantwoord.
De sensor heeft weinig onderhoud nodig. Aan het begin van het seizoen dient deze met twee nieuwe AA-batterijen in het bietenperceel geplaatst te worden, om pas weer aan het eind van het seizoen uit de grond gehaald en opgeborgen te worden. Het is belangrijk om de locatie van de sensor goed te markeren met een vlaggetje of een stok met afzetlint, om te verzekeren dat de sensor niet zoek raakt of onder een trekker belandt.

Kosten & Betaling
Een sensor kost €166,25 excl. BTW, verzendkosten inbegrepen.  Hierbij komt jaarlijks €30,- / stuk aan datakosten voor het LoRa-netwerk.
De kosten voor de sensoren en de datakosten worden verrekend met de uitbetalingen van bietenleveringen. Dit betekent dat de kosten voor de sensor niet hoeven te worden betaald bij bestelling.

Bestellen?
Ga hier naar onze bestelpagina.

Data abonnement
Het data abonnement van de sensor is zes maanden per jaar actief: van mei tot november. Het data abonnement is jaarlijks opzegbaar en wordt stilzwijgend verlengd tot opzegging.

Gebruik data Suiker Unie/Cosun
Cosun gaat secuur om met data en gebruikt data in lijn met de gedragscode BO akkerbouw. Voor onze teeltadviesmodules is de beschikbaarheid van de juiste data van groot belang. Meetgegevens van sensoren aangeboden voor perceelsspecifieke advisering kunnen daarom worden gebruikt in collectieve teeltadvisering van Cosun. Cosun draagt hierbij zorg dat geen bedrijfs- of persoonsgegevens aan deze meetgegevens worden gekoppeld om de privacy van de teler te garanderen.

Aanprakelijkheid
De door de Agrarische Dienst gegeven aanbevelingen over bijvoorbeeld bladschimmelinfectiewaarden of inzet van gewasbeschermingsmiddelen zijn vrijblijvend. Teler is zelf verantwoordelijk voor de keuze en het gebruik van deze aanbevelingen.